Завантаження...

Tropenmuseum Royal Tropical Institute Objectnumber 60006404 Woonhuis op plantage Clevia in Surina
 

 

 

This photo was viewed 1 times and was downloaded in full size 0 times.

This photo was liked 0 times

Source page: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Tropenmuseum_Royal_Tropical_Institute_Objectnumber_60006404_Woonhuis_op_plantage_Clevia_in_Surina.jpg

Summary

Description
Nederlands: Foto. Clevia aan de Surinamerivier

volgorde in het afvaren: Lust en Rust, Belwaarde, Clevia, Susannaasdaal, Voorburg. kostgrond "land van Clevia" aan de linkeroever van de Surinamerivier volgorde in het afvaren:Twee Kinderen (Blauwgrond), Geyersvlijt, Land van Susannaasdaal, Morgenstond, Clevia, Leonsberg

De huidige stadwijk Clevia was oorspronkelijk een kostgrond van de plantage Clevia aan de overzijde van de Surinamerivier. De kostgrond werd uitgegeven omstreeks 1787. De hieronder vermelde chronologie heeft mede betrekking op de hoofdplantage. Bronnen: Cynthia Mcleod, Elisabeth Samson, uitg. 1994 Alex van Stipriaan, surinaams contrast, uitg. 1993. notarieel archief Suriname, ARA, Den Haag Heinrich Helstone, Okke ten Hove, e.a. - database emancipatieregisters 1863 Maurits Hassankhan e.a. - databases Hindoestaanse en Javaanse emigratie.

Chronologie1749 - 1762 - eigenaar en aanlegger Karl Otto Creutz 1762 - 1771 - Elisabeth Samson 1771 - 1784 - Hermanus Daniel Zobre (1737 - 1784) 1787 - 1800 - aanleg kostgrond Clevia ; aanleg koffieplantage "Land van Clevia" 1832 - J. en Th. Marselis q.q. (almanak 1832) 1840 - 1846 - fonds Sobre (almanak 1842) 1847 - J. J. Ooijkaas jr. 1859 - E. R. Gillard, (almanak 1859) 1863 - emancipatie 1886 - prof. J. F. R. Gonggrijp 1894 J. Gonggrijp 1900 S.H. Gonggrijp 1902 - 1908 J.H. Gonggrijp 1909 Stephanus H. Gonggrijp, beheerder 1918 J.R.C. en S.S.H. Gonggrijp 1933 - 1937 - nv. cultuurmaatschappij Clevia 1749 - 1762 - eigenaar en aanlegger Karl Otto Creutz

De grond voor de hoofdplantage werd in 1749 door gouverneur Mauricius geschonken aan Karl Otto Creutz (1715-1762), als dank voor zijn succesvolle onderhandelingen bij het vredesproces met de saramaccaanse bosnegers. Karl, die als eenvoudige militair naar de kolonie was gekomen, heeft er een succesvolle carriere opgebouwd. In 1753 werd hij gekozen tot Raad van Politie. Hij leefde in concubinaat met Elisabeth Samson, en bewoonde een riant huis aan de Wagenwegstraat. (C. Mcleod, Samson, p.48-49) Karl noemde de plantage naar zijn geboortestreek Cleve in Duitsland. Dankzij het zakeninstinct van Elisabeth kwam de plantage tot grote bloei. De warrand van de plantage, gedateerd 7 april 1750, is bewaard gebleven : "......Vergunnen en concedeeren mits deesen ingevolgen en uit kragte der resolutie dan de Ed: Groot Achtbaare Heeren directeuren de Ed: Geoctroijeeerde Societeit deser colonie van Suriname in dato 3 april 1749 aen de heer Carel Otto Creutz Capt: Lieutent: onder de Militie alhier, omme op te neemen en in allodiaalen eigendom erffelijk te bezitten, Een stuk land groot 300 akkers met een face van 12 kettingen aen de rivier, geleegen in de rivier Suriname aen de rechterhand in 't afvaaren, beginnende aan de benede scheidlijn van de grond behoorende aan ons en vandaar sig uitstrekkende Noordwaarts tot aen de Edele societeits kostgrond, rakende met de achterlijn aen het land uitgegeeven aen den Hoog en Welgebooren Heer Willem Hendrik Baron Piek, Heer van Brakel Zoelen && ...." (archief dienst der domeinen, Paramaribo, register grondbrieven 1743 - 1752, folio 669)


1762 - 1771 - Elisabeth Samson Na Carl's dood erfde Elisabeth de helft van de plantage. De andere helft kocht zij binnen 1 jaar van de erfgenamen in Duitsland. In 1769 kocht zij de ernaast gelegen plantage Belwaarde, het eigendom van de gescheiden weduwe Pieter Mauricius. Belwaarde en Clevia hebben tot omstreeks 1920 naast elkaar bestaan, daarna verdween de naam Clevia. De grond wordt thans Belwaarde genoemd.

1771 - 1784 - Hermanus Daniel Zobre (1737 - 1784) Zobre was één van de vele gelukzoekers die in Suriname kwam met de bedoeling er zijn fortuin te maken. In 1767 huwde hij met Elisabeth Samson:

".... 1767 op heeden den .. december zijn ten overstaan van de Edele Achtbaare heeren P: Ferrand en J: Swenne raeden in den Edele Hove van Politie en Crimineele Justitie der colonie Surinaame & & door mij ondergeschreven geswoore clercq der opgemelde colonie na behoorlijke affvragingh in den huwelijcken staat in en aangeteeckent, Harmanus Daniel Zobre jongman van de gereformeerde religie geboortig te S' Hage oud omtrent 30 jaare geadsisteert met Joh: Smit en desselfs huijsvrouw, en Elisabeth Samsom meede van de gereformeerde religie geboortig aan Paramaribo oud 52 jaaren geadsisteert met den heer R: van Jever en desselfs huijsvrouw....." (huwelijksregisters raden van politie) Het huwelijk heeft Zobre bepaald geen windeieren gelegd. In één klap was hij een der rijkste inwoners der kolonie geworden. Voor Elisabeth Samson kan dit huwelijk nooit voordelig zijn geweest, en het is moeilijk verklaarbaar waarom zij het is aangegaan. Cynthia Mcleod, die een biografie over Samson heeft geschreven, vermoedt dat zij als rijke en vrij zwarte vrouw in alle opzichten het respect van de koloniale samenleving trachtte af te dwingen. Via haar huwelijk met een blanke man dacht zij dit respect te krijgen. In ieder geval heeft zij de aandacht op zich gevestigd, de huwelijksaankondiging staat zelfs in het officieele gouverneursjournaal vermeld:


".... Vrijdag den 11 december 1767 - Agter middag heeft ondertrouw gedaan dhr: de Sobre met de negerin Elisabeth Samson, gewezene huijshoudster van wijlen den Heer Creuts...." Elisabeth overleed in 1771:


"...1771-april 22 Debet Harm: Daniel Sobre — A kerkegerechtigheid voort begraven van des selfs huisvrouw Elisabeth Samson in de N: O: T: f 50,- ..." (registers gereformeerde kerk) Elisabeth had Zobre benoemd tot universeel erfgenaam; de erfenis bedroeg ongeveer f 1.200.000,- waaronder 11 plantages. Veel geld, maar een grafsteen voor zijn vrouw kon er niet af. In de kerkeboeken staat nergens de plaatsing van een grafsteen vermeld.

Maar de tijd van de grote plantagewinsten was definitief voorbij, en bovendien had Zobre niet het zakeninstinct van zijn vrouw. Hij verhypothekeerde de plantages, en leefde als een rijk man, maar was in feite failliet. Na zijn dood weigerde zijn familie daarom de erfenis te accepteren. Het totale bezit kwam daarop in handen van het negotiatiefonds van Marselis te Amsterdam. In 1793 behoorde Clevia nog tot de "boedel H. D. Zobre".


1787 - 1800 - aanleg kostgrond Clevia ; aanleg koffieplantage "Land van Clevia" (behorend bij plantage Clevia, eig. J. en Th. Marselis qq.) De gronden ten noorden van Paramaribo langs de weg naar de redoute Purmerend, waren in 1787-88 uitgegeven als kostgronden om de voedselbevoorrading van de stad te verzekeren. Het was absoluut niet de bedoeling dat daar productieplantages zouden worden gesticht, en om dat te voorkomen werden de kavels zeer klein gehouden, 50 a 70 akkers. Door een frauduleus uitgiftebeleid van het gouvernement mislukte deze opzet echter volkomen. Zo wist de plantage Clevia maar liefst zes naast elkaar gelegen kostgronden te verwerven, en op deze gronden werd omstreeks 1800 de koffieplantage "Land van Clevia" aangelegd, met een slavenmacht van ongeveer 100 man. Tegelijkertijd werd de oude plantage Clevia verlaten. De navolgende gegevens hebben betrekking op deze nieuwe plantage:


1832 - J. en Th. Marselis q.q. (almanak 1832) Teenstra bezocht in 1830 de plantage om gegevens te verzamelen voor zijn boek "de landbouw in de kolonie Suriname". Clevia was toen een koffieplantage van 300 akkers met 103 slaven. Het oude Clevia naast Susannaasdaal was verlaten.

1840 - 1846 - fonds Sobre (almanak 1842) De plantage verbouwde koffie en kost, met een slavenmacht van 91 mensen. In 1843 was J.H. Goisler de directeur. De administratie werd gevoerd door J. Zaal en J. de Jager.

1847 - J. J. Ooijkaas jr. 1859 - E. R. Gillard, (almanak 1859) 300 akkers, kweekgrond, 5 vrije bewoners + 1 slaaf.

1863 - emancipatie Ten tijde van de emancipatie was de oude plantage Clevia (naast Susannaasdaal) in gebruik als ingenieursetablissement. Er waren geen slaven. De plantage was overigens dermate vervallen, dat deze wordt beschreven als een annex van de plantage Clevia aan de overzijde van de rivier. Precies de omgekeerde situatie dus. Ook de nieuwe plantage wordt niet genoemd in de emancipatieregisters.

1886 - prof. J. F. R. Gonggrijp De plantage heeft nooit hindoestaanse contractanten geworven, maar wel 128 javaanse arbeiders. De plantage produceerde cacao. Op een gegeven moment werd J.F.R. Gonggrijp de eigenaar. Het beheer over de plantage werd gevoerd door enkele andere familieleden.

1894 J. Gonggrijp 1900 S.H. Gonggrijp 1902 - 1908 J.H. Gonggrijp 1909 Stephanus H. Gonggrijp, beheerder 1918 J.R.C. en S.S.H. Gonggrijp


plantage Clevia in 1901. In het midden de verbindingsweg met Paramaribo. Links het woonhuis met aangebouwde cacaoloods, daarnaast het hospitaal. Rechts een grote cacaoloods.


1933 - 1937 - nv. cultuurmaatschappij Clevia ca. 1948 (?) - einde plantagebedrijf ; verkaveling. Op een luchtfoto uit 1947 (Coenraadt) staan plantagehuis en bedrijfsbebouwing er nog. Maar ongeveer in die tijd sloot de cultuuronderneming haar poorten. Clevia werd daarna opgekocht door de overheid en verkaveld in bevolkingslandbouw percelen. De bedrijfsbebouwing werd gesloopt, thans is er niets meer in Clevia dat aan de plantagetijd herinnert.

De verkaveling in smalle en diepe landbouwpercelen maakte later een succesvolle verstedelijking mogelijk: Eerst ontstond een lintbebouwing langs de hoofddammen loodrecht op de rivier, en langzamerhand werden de landbouwkavels zelf bebouwd, veelal omdat de familie van de eigenaar hun huizen achter op het erf bouwden. Op deze wijze is geleidelijk een vriendelijke woonbuurt ontstaan met sterke sociale samenhang. Ook Blauwgrond is op deze wijze ontstaan.

Vanaf 1950 t/m 1975 was Clevia een min of meer zelfstandig dorpje ten noorden van de stad. Door de vergroting van de stad is het thans een stadswijk geworden.



top ^Bronnentop ^Cynthia Mcleod, Elisabeth Samson, uitg. 1994top ^Alex van Stipriaan, surinaams contrast, uitg. 1993.van Stipriaan geeft een bronvermelding over Clevia : inventarisaties & taxaties: ARA: SONA, 218 negotiatie, hypotheek, schuld, verkoop: GAA: NA, 12737

top ^notarieel archief Suriname, ARA, Den Haaginventarisatie uit 1764, ARA inv. no. 218 folio 453 gegevens: 300 akkers, 190 slaven, koffie, tayer, bananen, koren, cacao, weidegrond, hoornbeesten, duiven, varkens, boomgaard, pluimvee, schapen, taxatie: Nf 194.587,- ; de slaven zijn particulier bezit van Elisabeth Samson. eigenaren: Jan Casper Christoffel Creutz, secretaris van de stad Sonsbeek en Wilhelm Creutz, koopman te Emmerik. Deze heren zijn erfgenamen van wijlen Carel Otto Creutz en erven 1/2 deel der plantage ; Elisabeth Samson (1/2 deel) ; Elisabeth Samson heeft het vruchtgebruik over de erfenis van C: O: Creutz. De opbrengst van de 1/2 der plantage krijgt zij gedurende haar leven. De slaven zijn particulier eigendom van Elisabeth Samson en behoren niet tot de erfenis. directeur: Claas Sprenger

top ^Heinrich Helstone, Okke ten Hove, e.a. - database emancipatieregisters 1863top ^Maurits Hassankhan e.a. - databases Hindoestaanse en Javaanse emigratie.top ^HOMEALGEMEENHISTORIE SURINAMEARCHIEVENBEELDBANKTot 1975 - Onafhankelijkheid - PlantagesloginZoek in deze site:

bron: nationaal archief Suriname. Woonhuis op plantage Clevia in Suriname.
Date ca. 1928 ; uit wp 1925
Source Tropenmuseum
Author Fotostudio 'Augusta Curiel' (Fotograaf/photographer). niet bekend / unknown (Fotograaf/photographer).

Licensing

Tropenmuseum - Logo zonder tekst.svg This file was provided to Wikimedia Commons by the Tropenmuseum as part of a cooperation project. The Tropenmuseum, part of the Royal Tropical Institute, exclusively provides images that are either made by its own staff, or that are otherwise free of copyright.

??????? | Dansk | Deutsch | English | Español | Français | Magyar | Bahasa Indonesia | Italiano | ?????????? | ?????? | Plattdüütsch | Nederlands | Polski | Português | ??????? | +/?

w:en:Creative Commons
attribution share alike
This file is licensed under the Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported license.
Attribution: Tropenmuseum of the Royal Tropical Institute (KIT)
You are free:
  • to share – to copy, distribute and transmit the work
  • to remix – to adapt the work
Under the following conditions:
  • attribution – You must attribute the work in the manner specified by the author or licensor (but not in any way that suggests that they endorse you or your use of the work).
  • share alike – If you alter, transform, or build upon this work, you may distribute the resulting work only under the same or similar license to this one.



Licensing:
Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported

Comments

Only registered users can post comments. Please login



EXIF data:
File name tropenmuseum_royal_tropical_institute_objectnumber_60006404_woonhuis_op_plantage_clevia_in_surina.jpg
Size, bytes 62343
Mime type image/jpeg
The images at Free-Photos.biz come mainly from Wikimedia Commons or from our own production. The photos are either in the public domain, or licensed under free linceses: Free-Photos.biz license, GPL, Creative Commons or Free-Art license. Some very few other photos where uploaded to Free-Photos.biz by our users and released into the public domain or into free usage under another free license (like GPL etc.)

All photos in average size can be saved by everyone without registration (by right-clicking) - and all photos can be downloaded in full-size and without the big watermark by members (by left-clicking) (registration and free membership required).

While the copyright and licensing information supplied for each photo is believed to be accurate, Free-Photos.biz does not provide any warranty regarding the copyright status or correctness of licensing terms. If you decide to reuse the images from Free-Photos.biz, you should verify the copyright status of each image just as you would when obtaining images from other sources.


The use of depictions of living or deceased persons may be restricted in some jurisdictions by laws regarding personality rights. Such images are exhibited at Free-Photos.biz as works of art that serve higher artistic interests.

christianity portal